Marokko 2006
Omdat ik dit jaar nog vakantie dagen over had en op de een of andere manier nog wat geld, maar voornamelijk omdat ze wat mij betreft de winter over mogen slaan, heb ik een vakantie geboekt naar Marokko.
22 dagen in een land waar het eind
februari twintig graden is en de zon het grootste gedeelte van de dag
schijnt.
Hoe anders kan het lopen, maar daarover later meer.
Dag 1
's morgens even naar tienen arriveer ik bij balie 32 van Maroc Air, tegelijk met de jongen van Shoestring die me de juiste balie aanwijst en nog belangrijker de tickets geeft voor heen en terugreis. Al snel druppelen de medereizigers ook binnen , er is er zelfs één extra, daar gaat mijn eigen kamer en mijn nachtrust.
Drie kwartier later dan gepland, gaat het toestel dan toch nog de lucht in. Na een reis van drieënhalf / vier uur landen we op het vliegveld Mohammed V (kan ook zes zijn) in Casablanca, daar worden we eerst opgehouden door de douane (leve de ambtenarij) en daarna opgevangen door onze gids ter plaatse Mohammed., die nog geen koning van Marokko is geweest en dus ook geen volgnummer heeft. Ook de rugzak met korte- en zwembroek evenals zonnebrandmiddel heeft Casablanca bereikt, mijn zonnebril was helaas onvindbaar.
Buiten het vliegveld wacht de chauffeur met busje op ons, de bagage gaat op de achterste bank , de rest verdeeld zich gezellig over de bus. Binnen de kortste keren zijn we gewent aan het Marokkaanse verkeer; regels schijnen er niet te zijn , ook hier zijn ze dol op rotondes, zebrapaden zijn de aangewezen plekken waar voetgangers aangereden worden. Er wordt vrolijk op de claxon gedrukt als het verkeerslicht op groen springt , je zou toch vergeten weg te rijden !
Aan het eind van de middag komen we
aan in het eerste hotel, hotel Casablanca op de boulevard van de vrijheid. De
kamers zijn snel verdeeld en aangezien de stelletjes zich niet op willen
splitsen liggen de eenzame reizigers bij elkaar op de kamer. Gelukkig snurk ik
alleen maar als ik verkouden ben en gedronken heb.
Mohammed probeert ons in zeer korte tijd het hele reisschema uit te leggen, maar
dat is me wat te veel van het goede. Ook moeten we nu al kiezen aan welke
excursies we willen meedoen, het geld hiervoor kan gelijk betaald worden.
's avonds de stad in, de route is makkelijk steeds maar rechtdoor, met af en toe een bochtje, dan kom je vanzelf in het oude centrum uit. Met gevaar voor eigen leven steken we de zebrapaden over, verkeerslichten voor voetgangers zijn hier niet. Vlakbij het Hiatt hotel ligt de oude soukh van Casablanca, die dateert uit de tijd dat de stad nog uit witte huizen bestond.
Het is een dringen door smalle straatjes die ook nog helemaal volgepropt zijn met allerlei koopwaar, van sloffen tot specerijen, van ondergoed tot de bijbel op DVD. Als goede Nederlandse toeristen, kijken we alleen maar en kopen niets. (had ik dit maar niet opgeschreven, de hele vakantie heeft deze zin ons achtervolgt, we konden geen kraampje voorbijgaan of het werd tegen ons gezegd)
Niets kopen maakt hongerig, dus op
zoek naar een authentiek restaurant, die zijn dun gezaaid, zodat we uiteindelijk
terecht komen in een strakke zaak waar we Pizza's en Penne eten. Marokko
is een islamitisch land, dus een lekker biertje of wijntje bij het eten, helaas
!
Wel gelijk maar een salade geprobeerd, de eerste mogelijkheid om de ingewanden
te testen.
Dan terug naar het hotel, het was toch
wel een slopende dag geweest en een goede nachtrust is natuurlijk nooit weg.
Wat een onzin eigenlijk, het is vakantie en dat moet gevierd worden. Op zoek
naar een café met bier, we hoeven niet lang te zoeken, twee kruisingen verderop
richting centrum is een brasserie met bier. We worden hier uiterst vriendelijk behandeld ,
vooral omdat er wel een heel royale fooi gegeven wordt aam de toilet juffrouw.
Het bier vloeit rijkelijk in de kroeg die vol zit met mannen en vrouwen die
bepaalt niet gesluierd zijn. Om twaalf uur gaan we richting hotel, de
hoofdingang van de kroeg is al lang gebarricadeerd , we vertrekken via de
zijuitgang.
dag 2
Na het ontbijt vertrekken we naar Fes, eerst bezoeken we de Moskee van Hassan II in Casablanca. die liet deze Moskee bouwen omdat hij bang was niet in de hemel te komen. De minaret van deze moskee is 200 meter hoog. Het begint te regenen, het komt goed uit dat deze moskee ook door ongelovige bezocht kan worden. Als is niet iedereen van onze groep ongelovig, er is geen moslim bij.

Onderweg naar Fes rijden we langs Rabat; de hoofdstad van Marokko, waar we langs een van de vele paleizen van de koning komen. Hij heeft verdeeld over het hele land 37 paleizen, mogelijk kan hij wat van die paleizen afstoten om de armoede te bestrijden.
Het middageten nuttigen we in een van
de wegrestaurants, enkele tafels en stoelen, onder een afdakje.
De eerste kennismaking met de Tadjin, met daarin kip, met wortelen en
aardappels, bereid op een houtvuurtje.
Eerst thee om op te warmen, ingeschonken door Mohammed.
Ondanks de kou laten we het goed
smaken.
In Fes nemen we intrek in Hotel Olympic op de Rue Houman el Fatouaki , tegenover een drankenzaak. Maar toch maar even de stad in op zoek naar een biertje, in de brasserie waar we nu belanden is de sfeer behoorlijk grimmig, er worden verschillende mensen naar buiten gesmeten en aangezien het bier behoorlijk aan de prijs is, gaan we op zoek naar eten. In dit gedeelte van de stad is weinig te vinden, dus eten we wat in een pizzeria. Na nog wat slenteren in de stad komen we in een klein kroegje van een jood , waar ook bier en koosjere wijn geschonken wordt. De sfeer is hier uiterst gezellig, al probeert iedereen je van alles aan te smeren, van tapijten tot luxe sieraden. Op de hotelkamer genieten we van een gekochte fles wijn.
Dag 3
Met een gids bezoeken we eerst een paleis van de koning en via de oude joodse wijk naar de medina.
Daarna de stad uit voor een kijkje op de stad, helaas door het druilerige weer een wat heiig uitzicht.
Daarna naar een pottenbakkerij, waar naast tegeltjes voor mozaïeken ook potten en pannen en allerlei gebruiksvoorwerpen werden vervaardigt. Dit onder uiterst primitieve omstandigheden, zittend op de vloer in een warme, stoffige en rokerige omgeving

Terug naar de stad, waar de
vracht door de nauwe straatjes vervoerd wordt door ezels. Op bezoek in een
winkeltje met specerijen, waar voor iedere ziekte een geneesmiddel te vinden
was. Ook tegen snurken was iets te doen, helaas werkte dit middel alleen
in theorie.
Daarna naar een leerwinkel met uitzicht op de bekende leerlooierijen van fes.



's avonds de stad weer in op zoek naar eten, de oude stad is vergeven van de ronselaars die allemaal de lekkerste restaurantjes voor je weten, uiteindelijk besluiten we buiten op een terrasje te eten, waar het eten en drinken niet allemaal aanwezig blijkt te zijn, maar de eigenaar gaat meteen op zoek naar thee en bestanddelen van het eten bij collega restaurateurs. Buiten kunnen we genieten van de muziek uit twee zaken tegenover het terras, ofschoon de muziekstijlen variëren vormen ze toch een funky combinatie.
Dag 4
Op deze zeiknatte dag staat een bezoek naar de oude Romeinse stad Volubilis op het programma , dat de hoofdstad van de Romeinse provincie Mauritania Tingitana was in 42 na Christus. Het plenst van de koude regen maar die dreigende wolken maken de foto's wel mooier, de ooievaars trekken zich er trouwens niets van aan, het zal hier wel vaker regenen.
Daarna naar Moulay Idriss, de heiligste plek van Marokko , zeven bezoeken aan dit heiligdom staat gelijk aan een bezoek aan Mekka, wij zijn er in ieder geval al één keer geweest.
Daarna voor een lunch naar Meknes, op het grote plein worden we uit de bus gesmeten, we moeten het zelf maar uitzoeken, na het eten de stad in waar een overdekte markt is, voor zowel vegetariërs, vleeseters en zoetekauwen van alles te verkrijgen is.
Om vier uur worden we weer opgehaald, voor een bezoek aan de koninklijke stallen die behoorlijk vervallen zijn.
's avonds naar het restaurant waar ik de dag ervoor al belooft had te komen, lekker gegeten al was het wat aan de koude kant, niet het eten maar het restaurant natuurlijk.


Dag 5
Vandaag vanuit Fes naar de zandduinen van erg Chebbi bij Merzouga. Maar eerst moeten we nog een bergpas over, die de dag ervoor nog dicht zat, vanwege de sneeuw . Dit horen we in het hotel van Nederlandse toeristen die ons al de hele reis bijna hinderlijk volgen. In konvooi trekken we de bergen over. Als de auto's voor ons stoppen beginnen we met het busje achteruit te glijden, gelukkig kunnen we na wat duwwerk onze weg weer vervolgen. (het was net comedy capers, al rijdend werden de duwers naar binnen getrokken)
Na die barre tocht door de sneeuw kunnen we eten in een klein restaurantje waar, we de groep van koning aap, weer tegen komen. Ook kunnen je schoenen hier gepoetst worden wat bij mij niet nodig is, ik ben per slot van rekening de woestijn nog niet in geweest.
's avonds in de schemering komen we aan in de woestijn, na het eten gaan we slapen in tenten.
Dag 6
Vandaag staat er een kamelentocht op het programma, deze kamelen hebben maar één bult en zijn dus dromedaris. Voor de rijken onder de bezoekers is het ook mogelijk om per landrovers de woestijn in te gaan. We slapen in tenten in een oase. Het rijden op een dromedaris valt me mee, alleen het opstijgen en de heuvels af valt het wat tegen.





Dag 7
Per dromedaris terug de woestijn uit en per bus richting gorges de dadès.



We stoppen bij een berberhuis waar van alles te koop is, van kunst tot tapijten en oude zilveren sieraden en wapens .
We komen ook langs oude waterputten die in verbinding staan met ondergrondse waterstromen uit de bergen.
Als we een tijdje later weer langs de weg stoppen met uitzicht op een dorp, zijn we ineens omringt door verkopers die binnen de kortste keren mijn hoofd hebben ingepakt met een blauwe doek.
Wat het uitzicht niet echt bevorderd, gelukkig ben ik niet de enige, die het uitzicht verpest..

Aan het eind van de dag komen we aan in de gorges de dadès.


Dag 8
Vanuit het hotel maken we wandeling, die begint met een oversteek over de rivier, over een vervaarlijk krakende plank, gelukkig hoeven we niet de zelfde weg terug. De gids is een jongen van een jaar of 15 vergezeld van een fles water. We wandelen door kloven en klimmen via geitenpaadjes, met bijbehorende geiten naar boven. Daar wacht ons de thee bij een berberfamilie. Ze wonen in een grot in de berg, samen met hun vee.


Na afloop nog even nagenieten in het middagzonnetje.
Dag 9
Vandaag naar Aït Benhouddou waar een grote Kasbah is, waar de films Lawrence of Arabia,Jewel of the Nile en Gladiator nog gedraaid zijn.

Je kunt er natuurlijk voor kiezen op een klein ezeltje de rivier oversteken, maar dat is toch behoorlijk laag boven het water. We zijn nu ervaren dromedaris rijders en kiezen voor een exemplaar uit Mali. We betalen voor een retourtje en natuurlijk staat de dromedarisdrijver op ons te wachten als we als laatste de kasbah verlaten. We overnachten in een herberg in Aït Benhouddou, in de grote tent voor de herberg eten we ons avondmaal.
Dag 10,11,12. Marrakech
Vandaag vertrekken we naar Marrakech, via de woestijnen en Tizi n'Tichka de hoogste pas van de hoge atlas (2260 meter)
Natuurlijk wordt er onderweg wat gegeten en gedronken, in hotel Ali wordt afscheid genomen van de chauffeur. Hotel Ali ligt vlak bij het Jmaa el-Fna plein, waar iedere dag een markt opgebouwd wordt en muziekanten, slangenbezweerders en apen optreden, de eerste avond valt dit wat tegen, mogelijk komt dit door het slechte weer.
Ook is iedereen weer driftig bezig met handenarbeid, in de kleinste schuurtjes wordt volop gesmeed, geassembleerd, ook wordt er hout bewerkt.
De tweede dag gaan we Marrakech
verkennen, met een iets te dikke en gemakzuchtige gids, die ons door de souk
leid en iedereen schijnt te kennen. Op eigen gelegenheid kunnen we het muséé
de Marrakech en een oude koranschool bezoeken. Natuurlijk wordt deze gids dik
betaald.
De Koranschool die niet meer in gebruik is.
De Koutoubia-moskee staat vlak bij het hotel en is zolang hij inzicht is een prima oriëntatiepunt.
Een veel te dikke gids en een uiterst vermoeide toerist, al zal hij zelf blijven volhouden dat hij zijn foto's aan het terugkijken is.
Let niet op de man in de rode trui, ook al heeft hij soms een oranje regenjas aan.
's middags gaan we op eigen
gelegenheid de stad nog maar eens verkennen en komen zo op het joodse
kerkhof .
Waar het uitermate rustig is.
Ook bezoeken we het Mausoleum van de Saadiërs, waar in totaal 150 graven van
vorsten, familie , concubines en dienaren van deze vorsten
zijn.
Waar we net voor sluitingstijd arriveren.
Ook bezoeken we het Bahia paleis, waar nog het één en ander aan opgeknapt moet worden.
Op zoek naar drank worden we 's avonds
meegenomen door een manke man die nauwelijks bij te houden is, we worden een
restaurant ingelokt waar net een paar busladingen toeristen zijn gelost
. Naast bier is hier ook een met een dikke buik en een andere vrouw die
danst met een kandelaar op haar hoofd
De terugweg vanuit het restaurant naar het hotel is een stuk korter dan de
heenreis.
De derde dag in Marrakech op pad naar de nieuwe stad;Doe
dit niet.
Voor de zekerheid regenburka's gekocht voor de trekking.
's avonds eten op het plein er is ruime
keuze, van kip tot schapenkop en verder alles wat eetbaar is. We eten van alles
wat en dat bevalt goed.
Dag 13
Vanuit Marrakech naar de hoge atlas naar het plaatsje Imlil in het nationale park Toubkal.
Na wat inkopen gedaan te hebben voor de
trekking lopen we nog ruim een half uur naar het huis van Mohammed, maar dat
weten we dan nog niet. daar staan de muildieren al klaar die onze bagage zullen
dragen, maar eerst is het tijd voor een relaxte maaltijd op het terras.
Na een pittige wandeling overnachten we
in een tentje, het sanitair is een ruïne.
Het is wat aan de frisse kant, het vriest enkele graden. De maaltijd wordt in
een grote tent bereid in de andere grote tent kunnen we van de maaltijd
genieten.
Dag 14.
Na een koud ontbijt, met gelukkig warme thee staat de eerste uitdaging alweer te wachten, de weg is weg. Dat wil zeggen er stroomt een rivier over het pad dat we lopen. gelukkig liggen er stepstones.
Daarna door kleine dorpjes met veel schoolkinderen, maar ook meisjes met takkenbossen op de rug.
's middags is het tijd voor de lunch, al hebben sommige ook een middagslaapje nodig.
Terwijl wij uitrusten is de
plaatselijke bevolking, de vrouwen druk bezig met de was van het dorp, de
meisjes doen driftig mee. De jongens houden zich bezig met voetbal , het is
net het echte leven; de vrouwen doen het werk en de mannen drinken thee en doen
verder niets.
's avonds slaan we ons kamp op in het dorpje Imsker op 1385 meter hoogte, onze kamplaats is ommuurd en er is zelfs een toilet, met stromend water.
Dag 15
We staan op met een lekker zonnetje.
Helaas moeten we vandaag tijdelijk afscheid nemen van enkele reisgenoten.
Gelukkig heeft Mohammed een lift kunnen
regelen naar Tamttert.
Het uitgedunde gezelschap stijgt daarna naar 2000 meter (de N'Tacht-pas ),
daarna dalen we af naar Tizi NÓussem (1722 meter)
We lunchen in de mist, het is er behoorlijk koud en we trekken snel weer verder naar de gite. Die ziet er zeer luxe uit, maar helaas er is geen verwarming, het is er zeker onder de 10 °C, want onze adem is goed te zien. Gelukkig hebben we allemaal onze slaapzak bij ons, waar we om warm te blijven maar inkruipen. Tijdens het warme eten koelen we verder af, maar ja gebruik is gebruik, ook al moet je hiervoor je schoenen uit trekken.
Dag 16
Wederom scheiden onze wegen, de diehards gaan samen met Mohammed over de M'Zigpas op 2490 meter. Daar moet het pad nog gebaand worden, er is verse sneeuw gevallen.
De rest gaat met de muildieren en hun drijvers, via een andere weg met een behoorlijk pittige klim, terug naar Tammetert.
Als de klim te zwaar blijkt, is daar altijd nog de muildierrug.
In Tammetert komen we allemaal weer samen.
Dag 17,18.
Vanuit Tammetert reizen we naar Taroudannt, we stoppen onderweg bij de moskee van Tin-Mal die dateert uit de 12 eeuw en met geld van Unesco gerestaureerd.
De reis door de hoge atlas.
Onderweg komen we langs een grote vlakte veel Argania's tegen, waar geiten de jonge loten en de groene vlezige vruchten uit de bomen eten.
Daarna komen we aan in Touradannt dat in een groot landbouwgebied ligt. We verblijven in een hotel met zwembad, dat gevuld is met koud water. Hoewel de buitentemperatuur eindelijk oploopt tot een graad of twintig toch niet echt een lokkertje.
Ik bezoek de plaatselijke barbier en laat mijn baard scheren, met een vlijmscherp, geflambeerd ouderwets scheermes. De kapper spreekt geen engels en ik natuurlijk geen Frans of Arabisch, maar mijn gebarentaal werkt, al betaal ik waarschijnlijk te veel. In de Soukh wordt ik door Hassan meegenomen naar een huis waar de Argania pitten , met een soort molensteen vermalen wordt, hierdoor komt arganiaolie vrij, dat zowel in het eten als op de huid wonderen doet, volgens de eigenaar van het "fabriekje".
Daarna kom ik in een kledingzaak, waar ik na het drinken van drie kopjes berberthee overstag ga, ik koop een jalabah. Hassan brengt me gelukkig netjes terug naar het punt waar hij me oppikte.
In een internetcafé waar mijn vingers aan de toetsen blijven plakken, check ik mijn mail. Het beantwoorden gaat wat lastig omdat de computer een Frans toetsenbord heeft.
's avonds op zoek naar een restaurant, op een plein zijn redelijk wat restaurantjes. Het is nog steeds prachtig weer dus het wordt weer buiten eten. Van een verkoper koop ik een schitterende korte broek die ik nog nodig zal hebben in de hamam.
Dan op zoek naar alcohol, dat we vinden in hotel Touroudannt, aan de buiten kant
ziet het er niet geweldig uit, maar de open binnenplaats is een grote verrassing
. Daar staat een groot nep hert omringt met bomen, een kat trekt zich niets aan
van het hert en vind daar een uitstekende plek om te slapen.
Maar waar we voor komen is bier, veel bier.
De volgende dag slenteren we wat door de stad en eten op een terrasje, een van de vijf mogelijkheden op de menukaart.
's avonds verlaten we met het busje de stad voor een culturele avond. Eerst laten we ons verwennen in de hamam van de moskee, waar we gekneed worden en opgerekt, terwijl de ruimte opgestookt wordt tot een behoorlijk hoge vochtige temperatuur.
Ontspannen eten we ons traditionele avondmaal, dit keer niet van borden, maar van brood. Daarna komt de plaatselijke bevolking binnen in het huis van de sjeik. Ze beginnen te trommelen en te dansen en dan moeten we er zelf aan geloven. Binnen de kortste keren maken we ook een traditioneel rondedansje.
Dag 19
Brengt ons naar Essaouira, dat langs de kust ligt, we rijden via Agadir waar we op een zonnig terras wat drinken.
De binnenstad van Essaouira is autovrij, de bagage wordt vanaf de bus in een klein handkarretje getild.
Het hotel ligt in een straatje met veel kunst. De kamertjes zijn vrij klein en
gebouwd rond de binnenplaats. Op het verwaarloosde dakterras zijn de restanten
van de oude vuurtoren te zien, tenminste zo ziet het eruit.
De haven ligt vol met kleine blauwe bootjes. Aan het eind van de middag wordt de vis schoongemaakt buiten de visafslag, de vele meeuwen doen zich daar te goed aan het afval, ook katten pikken een graatje mee.
Rond acht uur vertrekken we naar hét visrestaurant van Essaouira, waar we heerlijk eten voor niet al te veel geld. Een biertje drinken we in een pizzeria.
De volgende dag zijn we ook nog in Essaouira,het wordt een dag van slenteren langs de vestingwerken.
Dan langs de oude stadsmuur door het oude gedeelte van de stad waar de boel behoorlijk op instorten staat en er de hoop is dat rijke noorderlingen wat opkopen en vooral opknappen.
We eten wat in een pizzeria waar het
personeel staat te trappelen om de zaak te sluiten. De pizza is hier heerlijk,
maar wat winderig.
De rest van de dag breng ik door op terrasjes voor een vergelijkend coca-cola
onderzoek. Ook koop ik enkele ansichtkaarten.
Als het al wat schemerig wordt gaan we met z'n allen aan het laatste gezamenlijk avondmaal. Er is zowel vlees als vis, de wijn vloeit rijkelijk.
Een afzakkertje halen we in de kroeg vlak naast het hotel.
Dag 21
We reizen weer terug naar Casablanca het is een lange reis, die grotendeels langs de Atlantische kust, maar ook langs industrie gebieden waar salpeter wordt gewonnen, ook zien we veel zoutpannen.
Casablanca kunnen we onderhand dromen, de chauffeur heeft meer moeite om het hotel te vinden, waar een grote verbouwing aan de gang is. De tweede keer in het zelfde hotel hebben we wel een grotere kamer. We gaan de stad in om voor de laatste keer de souks in te duiken, lastig te worden gevallen en Marokkaans te eten. Voor bier bij het eten moeten we boven zijn, het geld moet op voor we het land verlaten, dus dat komt goed uit.
Dag 22
We staan uiterst vroeg op om 05.30 en
gaan met het busje naar het vliegveld, daar nemen we afscheid van Mohammed. Er
is niet zoveel vertraging dit keer, alleen mannen worden gefouilleerd . De
vrouwen met hun wijde gewaden zijn blijkbaar geen terroristen.
We landen veilig op schiphol waar we afscheid van elkaar nemen. Alleen reis ik
met de trein verder naar huis.
Dit was een mooie afwisselende
vakantie met veel cultuur, natuur en ook niet onbelangrijk een leuke groep
medereizigers.
.